Bewustzijn
Van verzet tot overgave
Zoals altijd zijn er bij elk woord meerdere betekenissen.
Zoals altijd zijn er bij elk woord meerdere betekenissen. Bij het woord overgave kom ik een tegenstrijdigheid tegen in mezelf. Het eerste wat ik vind als ik online op zoek ga naar overgave is ‘het aan de vijand overgeven, onderwerping en gehoorzaamheid’. Als ik die woorden lees voel ik direct een zweem van onverzettelijkheid en de gedachte komt op: ‘Nooit zal ik me overgeven!’, waarbij ik me verschillende momenten herinner dat ik als kind met mijn broer aan het knokken was en hij me weer in de houtgreep legde. Overgave voelde als verliezen. Ik voelde me dan klein, nietig en onmachtig, gevoelens waar ik vandaag de dag nog steeds weerstand tegen kan voelen. Toen moest ik wel opgeven, mezelf overgeven omdat ik niet kon winnen. Ik was niet sterk genoeg hoezeer ik me er ook tegen verzette, wat ik ook probeerde. Overgave kwam niet van harte en altijd met tegenzin. Misschien komt daar wel de weerstand vandaan die nu nog steeds zonder aankondiging kan opkomen wanneer iemand wil winnen van me, als iemand zichzelf groter maakt of in een vechthouding voor me verschijnt.
Denk ik aan overgave dan heb ik ook een beeld voor me van de Franse revolutie, mensen die op de barricades staan en vechten tot het bittere einde voor vrijheid, gelijkheid en broederschap. Een beeld wat het vertrouwen oproept dat we kunnen winnen van sterkere grotere machten. Net zo gaaf vind ik het wanneer sporters ervoor helemaal voor gaan, weigeren op te geven waardoor ze hun grenzen steeds kunnen verleggen of zelfs strompelend over de finish komen om hun doelen te bereiken. ‘Yes, we hebben het gered!’ Ik kan die onverzettelijkheid goed bij mezelf en ook bij anderen waarderen. Ik houd van films waarbij een kleine minderheid in verslagen positie toch in staat is om te winnen. Wie herinnert zich niet de oude Rocky films met Sylvester Stallone in de hoofdrol waarbij hij als underdog in een verslagen positie niet opgeeft en toch wint. Ik kan door het kijken van dergelijke films heel even contact maken met gevoelens van onoverwinnelijkheid waardoor ik mezelf, al is het maar voor heel even, groot en machtig voel. Wanneer ik de underdog zie winnen, voel ik dat ik zelf ook win om tegelijkertijd alle dieper liggende gevoelens van onmacht, opgeven en verliezen naar de achtergrond te zien verdwijnen. Heerlijk is het om even helemaal in een film te kunnen verdwijnen.
Misschien vind ik de onverzettelijkheid ook zo mooi omdat ik zelf genoeg momenten in mijn leven ken dat ik het wel opgaf, terwijl ik ergens in mijn achterhoofd wist dat ik een stapje verder kon gaan. De woorden van commando Ray (Bekend van TV programma Kamp van Koningsbrugge) klinken na in mijn hoofd wanneer hij zegt dat je altijd verder kunt dan je denkt. Het is je motivatie en mentale uithoudingsvermogen die voor het grootste gedeelte jouw vermogen bepalen en precies daar waar jouw grenzen liggen. Het is ons brein die een eerste signaal afgeeft dat we niet verder kunnen om ons lichaam niet verder te beschadigen waardoor we opgeven. Toch komen die eerste gedachtes aan opgeven bij de gemiddelde mens als ze op slechts 20% van hun totale capaciteit zitten. Het opmerken van de weerstandsgedachten in ons hoofd tezamen met de andere signalen van verzet zorgen ervoor dat we opgeven terwijl we veel verder hadden kunnen gaan. We kunnen veel meer dan we denken.
En ergens denk ik dat we dat allemaal weten. Want jij herkent toch ook dat je het een keer hebt opgegeven omdat je het niet meer kon opbrengen om verder te gaan. Je had er geen zin meer in of geen energie meer voor. Wat zou het je opgeleverd hebben als je destijds wel de motivatie en innerlijke drijfveren had om een stapje verder te gaan? Je geeft je over, maar waarom gaf jij op? En dan ben ik benieuwd wie op dat moment de vijand was voor wie jij capituleerde. Was jij het niet zelf?
Het verlangen naar overgave
De gedachte aan opgeven komt de laatste paar weken ook wel eens in mij op. Die gedachten komen op wanneer ik opmerk dat mijn lijf vermoeid en overprikkeld is. Ik ben de laatste paar maanden erg onrustig en gespannen, veel meer dan ik van mezelf gewend ben. Dit alles heeft te maken met een nieuwe baan waar ik voor gevraagd ben en die ik heb aangenomen. Ik stond open om wat nieuws te proberen en ja, dat heb ik zeker gekregen. Na 18 jaar zelfstandig ondernemerschap met het geven van retreats en meditatietrainingen ben ik in dienst ben gegaan als recruiter. Ik schets even een beeld zodat snapt dat ik in een totaal andere wereld ben gestapt. Ik werk nu namelijk op de Amsterdamse Zuidas. Je kunt je dus wel voorstellen dat de verschillen niet groter hadden kunnen zijn. Ik moet niet alleen nieuwe dingen leren, ik moet me ook conformeren aan de regels en procedures van deze zakelijke omgeving en moet daarnaast ook dealen met de intense energie van de Amsterdamse Zuidas. Wist je dat bijna iedereen hier sneller loopt?
Als vanzelf ga ik nu ook zelf sneller praten en lopen. En bijzonder om op te merken dat ik weer ‘ontzettend mijn best aan het doen ben’ en op zoek ben naar de erkenning van mijn collega’s. Ik zie het mezelf doen en moet ook wel lachen om die oude automatismen die weer de kop op steken, maar mijn lijf gaat er niet goed op. De eerste maanden werd ik met regelmaat midden in de nacht wakker waarbij de energie gierde door mijn lijf en ik niet meer in slaap kon komen. Pas na een uur meditatie lukte het dan om de slaap weer te vatten. Ik merk aan het verzet in mijn lijf dat mijn lichaam moet wennen aan deze nieuwe setting en tijd nodig heeft om de energieën en gevoelens toe te kunnen laten. Dit alles doet me verlangen naar overgave, acceptatie en ontspanning. En hoe meer ik spanning voel, hoe meer ik verlang naar overgave. Of verlang ik naar opgave?
Waarom kan ik niet ontspannen? Mezelf overgeven aan de energieën, de situatie en de taken die voor me liggen? Ik lees vervolgens de vorige alinea’s die ik heb geschreven en zie het antwoord duidelijk voor me. Iets in mij is onverzettelijk, gewend om maar door te gaan, wil maar niet opgeven. Iets in mij accepteert niet dat iets nieuws doen tijd nodig heeft, dat fouten maken hoort bij nieuwe dingen doen. En dat het logisch is dat je in een nieuwe groep in het begin erkenning en acceptatie zoekt. Of houd ik mezelf voor de gek en is het zo dat ik zou moeten opgeven, maar dat ik het niet durf omdat ik dan het gevoel heb dat ik faal? Moet ik nu opgeven en accepteren dat ik niet in deze wereld pas? Of is dit het signaal dat ik pas op 20% van mijn capaciteit zit?
Overgave des hartes
Overgave verwijst niet alleen naar overgave aan de vijand. Overgave heeft ook de betekenis van toewijding, een vrijwillige overgave des hartes, en een volkomen overgave aan Gods wil. Het heeft dan een meer persoonlijke, spirituele betekenis, zoals het volledig loslaten van controle of het accepteren van een situatie. En precies hier kom ik de tegenstrijdigheid in mezelf tegen waar ik dit artikel mee begon. Het doorzetten en vechten zit zo diep in mijn systeem of kan ik beter zeggen in ons systeem, want zit het niet in iedereen? De vraag die ik mezelf stel, wie is de vijand? Soms kan de stress in mijn eigen lijf de vijand zijn. Maar tenzij je professioneel vechter bent, is het gevecht wat je in Nederland tegenkomt niet slechts van emotionele of mentale aard? Hierbij zal de ene persoon in een bepaalde situatie in verzet gaan terwijl de andere persoon diezelfde situatie ontspannen aan zich voorbij laten gaan. Of even denk ik, welke mensen op de Zuidas zouden op dit moment nog meer met zichzelf in gevecht zijn? Loopt de mate waarin we op dit moment in gevecht zijn niet parallel met de perceptie van de werkelijkheid die we hebben?
Verzet is op zich ook niet verkeerd. Ik voel aan alles dat ik aan het leren ben en groei op enorm veel vlakken en op een veel dieper niveau. Verzet is een natuurlijk proces wat nodig is om te overleven, te groeien en te ontwikkelen. Je kunt denken aan de rups die pas een vlinder kan worden door zich wurmend uit de cocon te persen waarbij het persen een vereiste is om te overleven. Het verzet zorgt voor ontwikkeling en versterking van de vleugels. Zonder uit het cocon te wurmen en te persen is vliegen niet mogelijk. Weerstand en verzet horen erbij en zijn het fundament voor groei vertel ik mezelf. En ik bedenk me dat ik zonder mijn eigen verzet en weerstand ik ook de overgave niet kan ervaren. Zonder het lijden is er geen verlichting en zo bedenk ik nog een paar mooie vergelijkingen. Het is immers een dualiteit die bij elkaar hoort. Zolang de dualiteit niet waarneembaar is, is er geen referentie.
Het is ook de dualiteit en de twee polen waartussen de spanning ontstaat. Vroeger zat ik structureel in een dynamiek van drukte en onrust. Nu ik door jaren van meditaties en retraites talloze momenten van innerlijke rust heb leren kennen, maakt dat het voor mij lastig is weer diep in de onrust te stappen. Volgens mij ben ik verslaafd geraakt aan een grote mate van rust en ruimte. Misschien net als veel mensen op de Zuidas verslaafd zijn aan hard werken, stress, resultaten halen? Hoe meer ik de ene kant van de medaille ken met bijbehorende gevoelens van overgave en diepe acceptatie hoe moeilijker het soms weer is om weer naar het verzet toe te bewegen, waarbij de weerstand en onverzettelijkheid letterlijk een drempel zijn waar ik overheen moet om weer in overgave te gaan. Want ik weet dat die momenten het lijf weer ontspant, er een innerlijke rust ontstaat, gedachten reduceren tot nul en naar de achtergrond verdwijnen. Want uiteindelijk gaat het niet over de Zuidas. De Zuidas is niets anders dan een spiegel van de diepere onrust in mij die ik nu tegenkom. Innerlijke rust ervaren door met gelijkgestemden te mediteren is een eitje. Mezelf open en ontspannen te voelen bij mensen die open en ontspannen zijn is gemakkelijk. Gaat dat mij ook lukken op de Zuid-As?
En hier voel ik de liefde en de potentie om door te gaan. Hoe dieper ik in mijn verzet zak, hoe meer ik in overgave kan komen en hoe meer ik in overgave kom, hoe dieper ik kan zakken. Overgave is geen grote gebeurtenis. Het begint in het klein, het moment dat ik even loslaat en werkelijk toesta wat er gebeurt in het moment. Die momenten dat ik mijn verlangen naar erkenning en waardering even toelaat en de pijn voel dat die erkenning er even niet is. Of het moment dat ik even stress en spanning voel en juist dan op een dieper niveau kan zakken in mijn lijf vanuit acceptatie dat alles wat er op dat moment ontstaat mag gebeuren. Dat zijn die momenten dat er weer flow ontstaat, waar het leven gemakkelijk loopt en alles wat ik ervaar, voel en tegenkom in liefde kan ontvangen. En na 6 maanden werken herken ik die momenten dat ik in het verzet zit ook steeds gemakkelijker, hoewel het soms lastig is om mezelf over te geven aan het moment. Dat komt omdat ik nog niet alle subtiliteiten van mijn eigen diepste weerstandniveaus ken of herken. Het vraagt om vertraging. Simpelweg heb ik niet altijd het bewustzijn om de fysieke sensaties te herkennen of de gedachten die zich verzetten tegen de situatie.
De Zuidas helpt mij. Juist bij mensen die erkenning en waardering zoeken, kom ik mijn eigen behoefte aan erkenning en waardering tegen. Als ik ergens mijn eigen onrust op een dieper niveau kan leren kennen, dan is het wel hier. Daarom zijn andere situaties, mensen en omgevingen zo waardevol als spiegel om je eigen weerstanden te onderzoeken en te groeien. Het is geen doel op zich, maar wel iets wat nu ongevraagd voor mij ligt. De Zuidas is fantastisch voor mijn spirituele ontwikkeling zeg ik met een grimas, hoe confronterend het ook soms kan zijn. Het is een overgave des hartes neem ik me voor. Ik volg mijn hart, en geef me over aan het goddelijke. Ik moet alert blijven dat ik niet mijn hoofd volg want daar zit de weerstand, waar waaruit de herinneringen naar boven komen vol onverzettelijkheid. Nee, mijn hart zegt dat ik nog even moet blijven. Ik blijf lekker op de Zuidas hangen, voel de subtiliteiten van mijn verzet en ga in overgave. Ik ga voelen en ervaren wat het leven mij hier gaat brengen. Ik wacht gewoon tot mijn hart het signaal geeft en de stroom van het leven me weer wegvoert naar een andere plek.
Diezelfde dag vraagt een vriendin van me of ik deze zomer ook mee ga op stilte retraite. Nee, zeg ik voor de grap, ik heb die stilte retraite niet nodig voor mijn spirituele ontwikkeling, ik werk al op de Zuidas.